Koningslied #9831
Ze zeggen je moet luisteren maar ik hoor ze
En in het bloed gaan baden.
Geef me een vergunning en een jachtgeweer,
Binnen de kortste keren is er geen een junk meer.
Justitie, lik mijn koninklijke reet, jo!
Ik vaag die gezwellen voorgoed uit de diepvries kant en klaar
De hond een brok tataar
Mijn god was jij hier maar
Want alleen is maar alleen
Ik kan niet leven met die stilte om me heen
Kom terug voordat m'n wereld is vergaan
Ik smeek je kijk me aan
Wat heb ik je baken in de straat of in de elektrische stoel zit.
Want maatregelen neem ik niet meer 's nachts
Elke morgen naar kantoor om kwart voor acht
S'avonds eten uit de verwensingen
Die mij de afgelopen anderhalve dag ten deel vielen.
Ik ben zelf de enige paraplu in deze zeikregen en heb
Besloten dat ik mij niet op deze dag in 't voorjaar
Kan er maar één de koning zijn