Koningslied #8959
Ik ben zelf de enige paraplu in deze zeikregen en heb
Besloten dat ik geboren ben, 't is jaren terug
Dat was een hele toestand, want ik was niet al te vlug
En toen ik eindelijk daar was, kreeg m'n vader plots de hik
Hij dacht eerst aan een ongeluk, maar 't ongeluk was ik
In heel het land van stad tot stad weet ieder wie ik ben
Op straat of op het station
Ze werd gered door een wonder
Uit de kampen van de
Duitsers
Maar 's nachts het licht
Dan droom ik dat zeg dan,
Niemand zegt doe dit, en als ik leef
Samen zijn we sterk
Eendracht maakt machtig
Hoe een klein land groot kan zijn
Is dat niet prachtig
Nederland
Oh
Nederland