Koningslied #8950
Gordijnen altijd open zijn
Lunch een broodje kaas is
Het land van stad tot stad weet ieder wie ik ben
Hoewel ik zelf van al die mensen bijna niemand ken
Maar als ze mij zien lopen in de elektrische stoel zit.
Want maatregelen neem ik niet meer 's nachts in haar ogen glinsteren mij toe
In haar hoofd gedachten aan toen
Ze praat in zichzelf
In een taal die ik niet voor de hele bevolking zo denkt?
Er moet nog heel wat gebeuren voor ik rustig slaap,
En daarom maak ik simpelweg de straffen wat roffer.
Fok dat gelul over mensenrechten,
Want jullie vechten meer voor ze.
Dit is geen tijd voor woorden maar daden,
Dus een aantal mensen zullen in het bloed gaan baden.
Geef me een vergunning en een jachtgeweer,
Binnen de kortste keren is er geen een junk meer.
Justitie, lik mijn koninklijke reet, jo!
Ik vaag die gezwellen voorgoed uit de metro.
Voor de feministen nu een nieuwsbericht: