Koningslied #7155
Ik ben zelf de enige paraplu in deze maatschappij is geen sprake van
Dat is voor sommige het sein
Een uurtje christelijk te zijn
Men zingt een liedje, doet een gebedje
En gooit een gulden in de nacht
Ik wijs je de haven in de straat of op het strand
Beschuit bij het ontbijt
Het land waar niemand zich laat gaan
Behalve als we winnen
Dan breekt acuut de passie los
Dan blijft geen mens meer binnen
Het land van nuchterheid
Met z'n allen
Met z'n allen
Met z'n hacheetje, met z'n wwtje, en z'n prive, z'n ikv z'n domineetje
Al denk ik dikwijls, lik toch m'n reetje
Ik hou van holland aan het zeetje...
In het park zit een jongeman
Hij leest de koppen van de slechten.
Zelden hoor je iemand over alle slachtoffers,