Koningslied #6975
Duitsers
Maar 's nachts
Elke morgen naar kantoor om kwart voor acht
S'avonds eten uit de diepvries kant en klaar
De hond een brok tataar
Mijn god was jij hier maar
Want alleen is maar alleen
Ik kan niet leven met die stilte om me heen
Waar ik met een boog uit het ziekenfonds kicken.
Want wij betalen niet voor de storm
Hou je veilig zo lang als ik dat je alles zult geven
Iedere stap die je zette die leidde naar hier
En kijk om je voor de rechten van de zweep het klappen kent
Een goeie vakman tot en met
En plichtsgetrouw tot in z'n bed
Daar ligt-ie starend naar 't behang
Met naast z'n hoofd z'n waterpomptang
En dan sta jij alleen.
Want alleen is maar alleen
Soms vertel ik het de mensen om me heen