Koningslied #6831
De tranen in haar ogen glinsteren mij toe
In haar hoofd gedachten aan toen
Ze praat in zichzelf
In een taal die ik niet versta
Ik kom uit
Polen zegt ze
Als ik een sterke koning ben dan ken ik geen gevaar
Wel ik heb nog nooit een vorst gezien met zo erg weinig haar
Mijn manen worden reuze lang met hier en daar een krul
Ik voel nu wel dat je naast me licht
Oke je bent nu vrij
Maar ben je weer bezopen
En heb je grote handen (oh grote handen)
Een bek vol gouwe tanden
Geen stuiver in je dromen
En daar is
Willem met de waterpomptang
De nijptang of de combinatietang
Hup, daar is
Willem met de waterpomptang