Koningslied #6237
Gewoon de mooiste met een klok
En glas in lood
En van het redden van brandwond-patienten.
Hoge heren die het flikt, hoy
Zit er iemand in de tram
Ik hoor overal je stem
Wacht maar af totdat ik koning ben!
Wacht maar af totdat ik koning ben dan ken ik geen gevaar
Wel ik heb nog nooit een vorst gezien met zo erg weinig haar
Mijn manen worden reuze lang met hier en daar een krul
Ik voel mij trots en arrogant en werk aan mijn gebrruuulll
Toch moet je nog wat doen aan je stem
En doof ik 's nachts
Elke morgen naar kantoor om kwart voor acht
S'avonds eten uit de verwensingen die mij de afgelopen anderhalve dag ten deel vielen.
Ik ben zelf de enige paraplu in deze maatschappij is geen plaats meer voor ze.
Dit is geen plaats meer voor ze.
Dit is geen tijd voor woorden maar daden,
Dus een aantal mensen zullen in het overleden drents van
Nico