Koningslied #6188
Van zo'n cultureel festijn
Omdat we toffe jongens zijn
Men heeft een rookbom onder het jekje
Men toont een spandoek
Met een licht facistisch trekje
Men sloopt een treintje
Gewoon een geintje
En slaat elkander op het plein
Dan roepen ze me na
Willempie waar ik ga of waar ik ga of waar ik ben
Hoewel ik zelf van al die mensen bijna niemand ken
Maar als ze mij zien lopen in de lucht
De nacht begint
Dan maakt een donderslag, de hemel aan het zeetje...
In het park zit een jongeman
Hij leest de koppen van de zweep het klappen kent
Een goeie vakman tot en met
En plichtsgetrouw tot in z'n bed
Daar ligt-ie starend naar 't behang
Met naast z'n hoofd z'n waterpomptang