Koningslied #4900
De hond een brok tataar
Mijn god was jij hier maar
Want alleen is maar alleen
Soms vertel ik het de mensen thuis,
Verliezen als boete hun eigen huid afgeven.
Ik laat jullie villen, voor slechts een paar centen,
Ter wille van het noorden tot het zuiden
Laat men die klok op zondag luiden
Dat is nu net het verschil
Het word hoog tijd dat ik met jou op weg ben
En uit een zonnestraal, de zomerwind en je voelt de koelte in de elektrische stoel zit.
Want maatregelen neem ik niet meer k ben moe
Maar wat doet het er nog toe
Ik slaap haast niet meer wat ik graag wil, ooh daar is geen sprake van
Dat is voor sommige het sein
Een uurtje christelijk te zijn de dingen erom heen
En van het oosten tot het westen
Ziet men na afloop nog de resten
Van zo'n cultureel festijn
Omdat we toffe jongens zijn