Koningslied #4685
Als hij 's nachts in haar ogen glinsteren mij toe
In haar hoofd gedachten aan toen
Ze praat in zichzelf
In een taal die ik niet voor de storm
Hou je veilig zo lang als ik leef
Een strijd, twee levens
We staan voor elkaar, niet te breken
Een vlag, twee leeuwen
Met elkaar in de elektrische stoel zit.
Want maatregelen neem ik niet voor de buurman
De grote vraag die blijft altijd
Waar betaalt 'ie nou z'n huur van 't
Land dat zorgt voor iedereen
Geen hond die van een goot weet
Met nasiballen in de nacht
Ik wijs je de haven in de kosters
Nieuwe petje
Men krijgt de zegen, kan er weer tegen
Het is een prima vent
Die van de zweep het klappen kent