De koningsliedgenerator

Koningslied #4552

En toen ik eindelijk daar was, kreeg m'n vader plots de hik
Hij dacht eerst aan een ongeluk, maar 't ongeluk was ik
In heel het land van stad tot stad weet ieder wie ik ben
Hoewel ik zelf van al die mensen bijna niemand ken

Maar als ze mij zien lopen in de kosters
Nieuwe petje
Men krijgt de zegen, kan er weer tegen
Het is een raar geval 'k

Geloof dat niemand weet
Hoe of ik heet
Maar 't kan me niet schelen
Willempie roepen ze hee

Willempie wat zou dat nou toch zijn
Daar sta je dan alleen vrienden zeggen me je gelul over mensenrechten,
Want jullie vechten meer voor de rechten van de
Duitsers

Maar 's nachts in haar ogen glinsteren mij toe
In haar hoofd gedachten aan toen
Ze praat in zichzelf
In een taal die ik ken