Koningslied #4136
Willem met de waterpomptang
Want
Willem is niet bang
Je hoeft het maar te vragen
Dan staat-ie al te vlug
En toen ik eindelijk daar was, kreeg m'n vader plots de hik
Hij dacht eerst aan een ongeluk, maar 't ongeluk was ik
In heel het land van nuchterheid
Met z'n hacheetje, met z'n wwtje, en z'n prive, z'n ikv z'n domineetje
Al denk ik dikwijls, lik toch m'n reetje
Ik hou van holland aan het zeetje...
In het park zit een jongeman
Hij leest de koppen van de
Duitsers
Maar 's nachts in haar ogen glinsteren mij toe
In haar hoofd gedachten aan toen
Ze praat in zichzelf
In een taal die ik ken
Wacht maar af totdat ik koning ben!!
Je hebt nog een lange weg te gaan jonge man als jij slaapt