Koningslied #3818
Het wordt tijd dat ik geboren ben, 't is jaren terug
Dat was een hele toestand, want ik was niet al te vlug
En toen ik eindelijk daar was, kreeg m'n vader plots de hik
Hij dacht eerst aan een ongeluk, maar 't ongeluk was ik
In heel het land van nuchterheid
Met z'n allen op het plein
Dan roepen ze hee
Willempie wat zou dat nou toch zijn
Daar sta je dan de deur en dan sta jij alleen. want alleen is maar alleen soms vertel ik het de mensen om me heen kom terug voordat m'n wereld is vergaan ik smeek je kijk me aan wat heb je grote handen
Een bek vol gouwe tanden
Geen stuiver in je zak (geen ene munt op zak)
Willem, wat heb je grote handen (oh grote handen)
Een bek vol gouwe tanden (maar dan ga ik verder lopen)
Geen stuiver in je zak
Willem, wat heb ik je baken in de duisternis
Ik zal niet rusten tot het westen
Ziet men na afloop nog de resten
Van zo'n cultureel festijn
Omdat we toffe jongens zijn
Men zingt een liedje, doet een gebedje