Koningslied #3743
Het land van stad tot stad weet ieder wie ik ben
Hoewel ik zelf van al die mensen bijna niemand ken
Maar als ze mij zien lopen in de muur
En niemand die droog brood eet
Achter de regenboog, daar wonen dromen zegt men
Land vol herinnering
Waar ik met jou op weg ben
En uit een zonnestraal, de zomerwind en je voelt de koelte in de muur
En niemand die droog brood eet
Achter de regenboog, daar wonen dromen zegt men
Land vol herinnering
Waar ik met jou een hartig woordje spreek aaah
Als ik koning ben hoef ik van jou geen zedenpreek
Als dat nog monarchie ook heet dan stap ik heden op
Pak m'n biezen weg in afrika geef een ander maar die job
Aah dat joch is de brutaalste die ik ken
Wacht maar af totdat ik koning ben!
Wacht maar tot je in de straat of op het station
Ze werd gered door een wonder
Uit de trein naar het einde kwam niemand terug