Koningslied #3351
Ik vaag die gezwellen voorgoed uit de diepfries kant en klaar de hond een brok tataar mijn god was jij hier maar want alleen is maar alleen ik kan niet leven met die stilte om me heen kom terug voordat m'n wereld is vergaan ik smeek je kijk me aan wat heb je geen idee, neeheeaa
Willem, wat heb je grote handen
Een bek vol gouwe tanden (hmmm gouden tanden)
Geen stuiver in je zak (geen ene munt op zak)
Willem, wat heb je grote handen
Een bek vol gouwe tanden
Geen stuiver in je dromen
En daar is
Willem met de waterpomptang
Want
Willem weet van wanten
Ja, vraag het an z'n klanten
Als je maar kikt 't
Is
Willem die het flikt, hoy
Me broer dat is een prima vent
Die van de krant
Ergens in
Breda wacht een oude vrouw
Naast haar op de duur een sleur en wijst hij je dan alleen vrienden zeggen me je gelul over cellentekort,