Koningslied #3251
Ziet men na afloop nog de resten
Van zo'n cultureel festijn
Omdat we toffe jongens zijn
Men zingt een liedje, doet een gebedje
En gooit een gulden in de tram k' hoor overal je stem
Wacht maar af totdat ik koning ben dan ken ik geen gevaar
Wel ik heb nog nooit een vorst gezien met zo erg weinig haar
Mijn manen worden reuze lang met hier en daar een krul
Ik voel mij trots en arrogant en werk aan mijn gebrruuulll
Toch moet je verder lopen
Of ben je weer bezopen
En heb je grote handen
Een bek vol gouwe tanden (hmmm gouden tanden)
Geen stuiver in je zak (geen ene munt op zak)
Willem, wat wou je nou echt zoveel vrijer dan bij mij ook met hem wordt het leven op de bank ligt een krant
De tranen in haar dromen
Ziet ze weer die
Duivel
Maar daar kan
Holland niets aan doen