Koningslied #2828
Met z'n allen op het station
Ze werd gered door een wonder
Uit de kampen van de zweep het klappen kent
Een goeie vakman tot en met
En plichtsgetrouw tot in z'n bed
Daar ligt-ie starend naar 't behang
Met naast z'n hoofd z'n waterpomptang
En dan klinkt het keer op keer
Morgen begint het lieve leven weer
Willempie hoor je overal
Willempie is een raar geval 'k
Geloof dat niemand weet
Hoe of ik heet
Maar 't kan me niet schelen
Willempie roepen ze me na
Willempie waar ik ga of sta
Ik heet
Wim meer niet
Maar wie me ziet
Roept toch steeds weer