Koningslied #1199
Ik bouw een dijk met m’n blote handen het riool uitmesten.
En alle inbrekers bij de mensen thuis,
Verliezen als boete hun eigen huid afgeven.
Ik laat jullie villen, voor slechts een paar centen,
Ter wille van het noorden tot het zuiden
Laat men die klok op zondag luiden
Dat is nu net het verschil
Het word hoog tijd dat de koning zijn
Voor niemand bang
Voor niemand bang
Voor niemand klein
Zo waardig, wijs en goed (wijs en goed)
In mijn lichaam (in jouw lichaam) leeuwenbloed (leeuwenbloed)
In mijn ziel de heldenmoed van wie mij voorging en voorging
Ik ben koning (jij bent koning) hier van binnen
Ben jij koning
Wees een koning
Ja waardig, wijs en goed
In zijn lichaam leeuwenbloed
In zijn ziel de heldenmoed van wie mij voorging en voorging en voorging en voorging en voorging en voorging