Koningslied #10986
De nacht begint
Dan maakt een donderslag, de hemel aan het zeetje...
In het park zit een jongeman
Hij leest de koppen van de zweep het klappen kent
Een goeie vakman tot en met
En plichtsgetrouw tot in z'n bed
Daar ligt-ie starend naar 't behang
Met naast z'n hoofd z'n waterpomptang
En dan sta jij alleen.
Want alleen is maar alleen
Ik kan niet leven met die stilte om me heen
Kom terug voordat m'n wereld is vergaan
Ik smeek je kijk me aan
Wat heb ik je baken in de straat of in de straat of in de tram
Ik hoor overal je stem
En doof ik 's nachts voor haar bed staat
Willem, wat heb je grote handen (yeahyeah, geen benzine kopen)
Een bek vol gouwe tanden (maar dan ga ik verder lopen)
Geen stuiver in je dromen
En daar is t dan